School & Armoede: De kans en plicht om impact te hebben

Gepubliceerd op: dinsdag 1 september, 2020

In elke klas zitten gemiddeld drie kinderen die opgroeien in grote armoede. Om een idee te krijgen wat dat betekent: als eenoudergezin met twee kinderen heb je dan minder dan € 1600 per maand te besteden. Reken maar eens uit: € 1600 minus huur, zorgverzekering, gas, water, licht, telefoon en internet. En veel gezinnen hebben dus nog veel minder te besteden. Wat houd je dan over voor boodschappen? En dan heb ik het nog niet over kleding die om de haverklap te klein is, lidmaat- schappen van sportverenigingen en verjaardagen. Erg?

In elke klas zitten gemiddeld drie kinderen die opgroeien in grote armoede

Het kan nog erger. In veel van de in armoede levende gezinnen zijn de ouders noodgedwongen zzp-ers die met hun werk nog niet eens het bijstandsniveau bij elkaar verdiend krijgen. Of een opeenstapeling van problemen leidt tot schulden die dermate groot zijn dat je in de schuldsanering komt. Als je als tweeoudergezin met twee kinderen minder dan € 515 per maand te besteden hebt aan eten en kleding, dan kom je in principe in aanmerking voor ondersteuning door een lokale voedselbank. In 2019 maakten 151.000 mensen gebruik van deze voorziening.

De Voedselbanken zijn een particulier initiatief dat inmiddels door steeds meer gemeenten financieel en/of in natura wordt ondersteund. De wereld op zijn kop natuurlijk. Maar de mensen die zich over de schroom van het aankloppen bij een voedselbank heen hebben gezet, zullen er blij mee zijn. Want van minder dan 500 euro per maand kun je als gezin met twee opgroeiende kinderen in Nederland niet rondkomen.

Ze zorgen voor zakjes met boterhammen in de vensterbank

Achterblijvers

Je kunt er in elk geval geen schoolreisjes mee betalen. Wat doet het met je als je als ouder van een opgroeiende puber op de voedselbank bent aangewezen en van je middelbare school een brief krijgt over de aanstaande schoolreis met de volgende tekst:

In de eerste activiteitenweek gaan jullie op reis naar het buitenland. In de bijlagen van deze brief kun je de verschillende programma’s lezen, zodat je goed geïnformeerd je kunt inschrijven en de juiste keuze kunt maken voor Berlijn, Londen of Oostenrijk. (…) De kosten per reisdoel zijn verschillend en alleen bij de reis naar Oostenrijk zijn lunch en diner inbegrepen. De prijs voor Berlijn is € 300, Londen € 375 en Oostenrijk € 440. De kosten worden na de werkweek in rekening gebracht. (…) Kun je om wat voor reden dan ook niet mee, laat dit dan z.s.m. weten aan ondergetekende. Leerlingen die niet meegaan, volgen van maandag t/m donderdag een achterblijvers- programma. Hier zal aandacht besteed worden aan het lezen van boeken van de boekenlijst, het maken van samenvattingen en het voorbereiden van een presentatie die later in de lessen gehouden zal moeten worden.

Deze brief is tegelijk aan de ouders en betreffen- de leerlingen gestuurd. Stel je hebt Ongeveer € 100 per week te besteden aan kleding en voedsel. Wat doet het dan met je als je zo’n brief krijgt? Je voelt je minstens mislukt als ouder. En wat doet het met je kind als je vertelt dat het er echt niet in zit? Wat gebeurt er als je contact opneemt met de school? Moet je uitleggen dat je het geld gewoon niet hebt? Of heeft dat toch geen zin? En laat je het bij de kale mededeling dat jouw kind niet mee zal gaan, en mee zal doen aan het ‘achterblijversprogramma’?

De getallen zijn niet eensluidend, maar er lijkt consensus dat minstens 200.000 en misschien wel meer dan 300.000 kinderen elke dag zonder ontbijt naar school komen. Sommige scholen rapporteren dat 60 tot 70% van de kinderen geen ontbijt krijgt. De effecten laten zich raden. Concentratie, geheugen en leervermogen in het algemeen nemen af. Zeker als je bedenkt dat niet ontbijten niet alleen komt. Veel kinderen die hiermee te maken hebben groeien op in gezinnen waarin het sowieso al moeilijk is om te zorgen voor gezond en voldoende eten op tafel, laat staan structuur en ouderlijke ondersteuning.

Denken onder druk

Eldar Shafir, professor behavorial economics aan Princeton University, laat in zijn boek Schaarste overtuigend zien dat leven in structurele armoede je brein beïnvloedt. Niet alleen ga je minder rationele beslissingen nemen, het kan zelfs invloed hebben op je intelligentie. Ouders, maar ook kinderen die continu geconfronteerd worden met tekort verliezen een langetermijnperspectief en kunnen niet goed plannen of verstandige keuzes maken. Soms verbazen mensen zich erover dat kinderen die geen ontbijt krijgen wel op dure Nikes lopen. Shafir toont aan dat dit misschien moeilijk te begrijpen, maar wel te verklaren is.

De conclusie dringt zich onvermijdelijk op, ondersteund door talloos wetenschappelijk onderzoek: armoede leidt ertoe dat kinderen minder goed kunnen presteren op school. Ze kunnen minder goed leren dan op grond van hun feitelijke vermogens mogelijk zou zijn en ook hun sociale en persoonlijkheidsontwikkeling staat onder druk.

Je zou veronderstellen dat deze wetenschap, in combinatie met de indrukwekkende aantallen kinderen waar het om gaat, zou leiden tot grote politieke opwinding én actie. Maar niets is minder waar. Er gebeurt helemaal niets. Het aantal arme kinderen groeit of stabiliseert op zijn best van jaar tot jaar. Terwijl vrijwel elke politicus, van links tot rechts, zijn mond vol heeft van ‘kansengelijkheid’. Als je daar echt werk van wilt maken, dan heb je bij dit onderwerp de kans om echt impact te hebben!

Symptoombestrijding

Bij het ontbreken van betekenisvolle politieke actie, hebben we een stoet aan organisaties en initiatieven zien ontstaan, net als een keur aan congressen, websites en denktanks. Veel vrijwilligersinitiatieven komen met deeloplossingen. Stichting Kinderarmoede, Stichting Jeugd en Welzijn, Stichting Armoedefonds, Stichting Kansarme Kinderen, Stichting Samen is niet Alleen, Nationaal Fonds Kinderhulp, Sam&, Stichting Leergeld, Jarige Job, enzovoort, enzovoort. Het zijn stuk voor stuk prachtige initiatieven, maar het blijft symptoombestrijding. Uiteindelijk ligt de sleutel voor de oplossing bij de politiek.

En dan de school. De school kan het probleem natuurlijk ook niet oplossen. Maar de school is wel de organisatie die elke dag met het probleem wordt geconfronteerd en het kind dat opgroeit in armoede wordt ook elke dag met de school geconfronteerd. Als plek om te leren, maar ook als sociale omgeving. De school móet dus nadenken over de vraag hoe ze omgaat met armoede in de klas.

Daar is geen pasklaar antwoord op. En veel scholen hebben het er dan maar niet over. Het probleem is te groot. Andere scholen doen juist heel veel. Zorgen voor zakjes met boterhammen in de vensterbank, die hongerige kinderen in het voorbijgaan kunnen meepakken. Stoppen met de vrijwillige ouderbijdrage, omdat ze vinden dat alles wat de school organiseert toegankelijk moet zijn voor alle kinderen. Dan maar een iets minder kostbaar schoolreisje.

Armoedebeleid in schoolplan

En daar gaat het ons nu om: dat iedereen die bij de school betrokken is er op z’n minst over nadenkt: hoe groot is het probleem bij ons op school? Wat willen we er aan doen? Wat kúnnen we er aan doen? Wat is het beleid als het gaat om schoolreisjes? Hoe willen we communiceren met ouders van wie we weten dat ze echt geen geld hebben? Welk gevoel willen we hen geven? Welk gevoel willen we de kinderen geven?

De Vereniging Openbaar Onderwijs pleit daarom voor een wettelijke plicht voor scholen om armoedebeleid te formuleren en dat onderdeel te laten zijn van het schoolplan. Voor het schoolplan is instemming van de medezeggenschapsraad nodig. Op deze manier wordt dus geborgd dat alle belangrijke partijen (bestuur/directie, leerkrachten, ondersteunend personeel, ouders en op het VO ook leerlingen) met elkaar in gesprek gaan over armoede op hun school. En wat ze er aan kunnen doen.
Want oplossen kunnen we het op deze manier misschien niet, maar we kunnen het leven van de kinderen die ermee te maken hebben én dat van hun ouders misschien net een klein beetje minder zwaar maken. En dat alleen al is belangrijk genoeg.

Dit interview komt uit het magazine Onze School
Tekst: Marco Frijlink
Illustraties: Zeloot

De komende vier jaar houdt de Vereniging Openbaar Onderwijs zich bezig met het thema ‘school en armoede’. Meer informatie over dit thema vindt u op onze website, welke geleidelijk aangevuld zal worden met nieuwe informatie, handreikingen en nieuws omtrent dit thema.

Eldar Shafir
In ‘Schaarste: hoe gebrek aan tijd en geld ons gedrag bepalen’ laten Shafir, professor behavioral economics aan Princeton University, en Harvard-econoom Sendhil Mullainathan zien hoe ver de gevolgen van schaarste en armoede gaan. Aan de hand van eigen onderzoek en spraakmaken- de voorbeelden tonen ze verklaringen voor ogenschijnlijk ‘falen’ in situaties van schaarste. Armoedebeleid moet volgens Shafir dan ook niet te veel uitgaan van zelfredzaamheid.

Op het door corona helaas geannuleerde VOO-congres School & Armoede op 28 maart had Shafir zullen spreken over zijn werk en theorie. Dat gaat helaas niet door, maar zijn boek is nog verkrijgbaar.

Word lid van de VOO en steun ons werk!

Kijk op onze speciale School & Armoede pagina voor meer achtergronden en artikelen.

Marco Frijlink
Voorzitter

Marco is de voorzitter van de VOO. Hij vertegenwoordigt de vereniging en is verantwoordelijk voor het goed functioneren van het verenigingsbureau.

Meer over Marco

Inschrijven voor onze nieuwsbrieven

Tussen de herfst- en de kerstvakantie is het tijd voor de begroting; vóór 1 januari moeten de meeste schoolbesturen een nieuwe begroting hebben opgesteld voor het komende kalenderjaar. Zowel op het niveau van d ...