Onze helpdesk is niet beschikbaar van maandag 29 april tot en met vrijdag 3 mei, evenals donderdag 9 en vrijdag 10 mei 2024.

Faciliteitenregeling

Voor het laatst bewerkt op: woensdag 6 maart 2024

De MR heeft recht op verschillende vormen van facilitering vanuit het bevoegd gezag. Er zijn verschillende vormen van facilitering: voorzieningen op school, het recht op scholing, deskundige bijstand en eventueel een financiële vergoeding.


Landelijke afspraken over facilitering voor de MR

Er zijn een tweetal plekken waarin opgenomen staat welke rechten en mogelijkheden de MR heeft op gebied van faciliteiten. De eerste plek is de Wet medezeggenschap op scholen (WMS). In de WMS is de belangrijkste afspraak dat de MR recht heeft op een vergoeding voor alle redelijkerwijs noodzakelijke kosten (artikel 28 lid 2 WMS). Hier valt in ieder geval onder het lidmaatschap van de VOO, het volgen van scholing en het inhuren van deskundigen. De MR hoeft hiervoor alleen vooraf een bericht te sturen naar het bevoegd gezag met daarin de te verwachten kosten en het doel van de kosten. Naast de afspraken in de WMS zijn ook in de collectieve arbeidsovereenkomst (cao) afspraken opgenomen. Hier gaat het bijvoorbeeld om de hoeveelheid uren die personeelsleden binnen hun taakuren krijgen voor het werk als MR-lid.

De afspraken uit de WMS en de cao zijn minimale vereisten. Dit betekent dat het bevoegd gezag minstens voor deze faciliteiten moet zorgen. Daarnaast is het mogelijk om een aantal aanvullende faciliteiten ter beschikking te stellen, zoals een vacatievergoeding voor ouders en leerlingen in de MR en ambtelijk ondersteuning middels een ambtelijk secretaris.


Het budget van de MR

Een medezeggenschapsraad heeft geen inkomsten en maakt dus ook geen begroting. Wel is het zaak dat de MR aan het begin van het schooljaar in het activiteitenplan een kostenraming opneemt met de kosten die de MR het komende schooljaar verwacht te maken. Door deze kostenraming weet het bevoegd gezag waar ongeveer rekening mee gehouden kan worden.

Het is mogelijk dat de MR een eigen budget krijgt van het bevoegd gezag. Kosten zoals scholing en inhuur van deskundigen vallen niet onder dit budget, maar wat hier bijvoorbeeld wel onder kan vallen is het geld voor een MR-magazine of de kosten voor een etentje als MR. Het gaat daarbij dus om de ‘kleine’ uitgaven. Een budget afspreken voor scholing of inhuur externe deskundigen kan niet, omdat zolang dit redelijkerwijs noodzakelijk is altijd vergoed moet worden.


Facilitering van personeel

Personeelsleden hebben vanuit de cao recht op een vergoeding in tijd voor hun werkzaamheden als MR-lid, binnen hun taakstelling (artikel 28 lid 3 WMS, cao). Indien een personeelslid zowel lid is van de MR als van de GMR in het primair onderwijs, heeft het lid recht op 100 uur per jaar. Indien een personeelslid zowel lid is van de MR als van de GMR in het voortgezet onderwijs, heeft het lid recht op 160 uur per jaar. De beschikbaar te stellen uren zijn als volgt:

Primair onderwijs MR GMR OPR
Lid 60 60 60
Voorzitter 80 80 60
Secretaris 60 (80 als ouders vz. Is) 60 (80 als ouder vz. Is) 60
Voortgezet onderwijs MR GMR
Lid 100 100
Voorzitter 250 250
Secretaris 150 150

Over scholing is in de cao po opgenomen dat een personeelslid van de MR recht heeft op drie dagen scholing in twee jaar. Voor het voortgezet onderwijs is dit per jaar vijf dagen scholing en vorming, dat mede in lestijd plaats kan vinden. In het reglement kan deze facilitering als volgt worden opgenomen: een personeelslid van de MR heeft een vrijstelling van de reguliere taken voor [vul getal in] aantal uren. Deze uren maken deel uit van het taakbeleid.


Facilitering van ouders en leerlingen

Ouders in de MR kunnen een vergoeding krijgen voor hun werkzaamheden in de MR (artikel 28 lid 4 WMS). Dat kan een bepaald bedrag per bijgewoonde vergadering zijn (vacatievergoeding), maar dit kan ook een bedrag op maand- of jaarbasis zijn. Deze vergoeding is niet verplicht en kan door het bevoegd gezag worden ingesteld. Gebruikelijk wordt dit eerst overlegd met de (G)MR. Redelijkerwijs noodzakelijke onkosten, zoals reiskosten en het inhuren van een oppas, dienen sowieso te worden vergoed op grond van artikel 28 lid 2 WMS.

Naast het geven van geld kan het ook prettig zijn voor bij de school betrokken ouders een andere blijk van waardering krijgen. Bijvoorbeeld een aardigheid met kerst of een borrel voor deze ouders kan een goede geste zijn. Het voornemen hiertoe behoort eveneens thuis in de faciliteitenregeling. Voor leerlingen kan een regeling worden getroffen in de vorm van vrijstelling van bepaalde onderdelen van vakken, zoals het profielwerk stuk. Op scholen is het gebruikelijk dat leerlingen tevens een geldelijke beloning krijgen voor hun werkzaamheden.


Overige faciliteiten

Naast bovengenoemde faciliteiten kan de (G)MR in overleg met het bevoegd gezag een ambtelijk secretaris aanstellen (artikel 28 lid 5 WMS). Vooral voor de GMR kan dit een heel handige aanvulling zijn op het werk van de secretaris van de GMR. Een ambtelijk secretaris zorgt ervoor dat de agenda en stukken voor vergaderingen op tijd worden verzonden, is het aanspreekpunt voor alle GMR- en MR-leden binnen de stichting en zijn een belangrijke factor voor continuïteit voor medezeggenschap. Ook zorgt een ambtelijk secretaris ervoor dat gekozen (G)MR-leden zich meer op hun kerntaken kunnen focussen, omdat de randvoorwaarden door de ambtelijk secretaris geregeld worden.

Daarnaast stelt de wet ook dat het bevoegd gezag de MR het gebruik toe moet staan van de voorzieningen waarover het kan beschikken en die de medezeggenschapsraad voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig heeft (artikel 28 lid 1 WMS). Dit betekent onder meer dat de MR gebruik kan maken van een adequate vergaderruimte, printfaciliteiten en koffie. Ook betekent dit dat voor het contact met de achterban de MR moet kunnen beschikken over een lijst met e-mailadressen van alle ouders en personeelsleden of op een andere manier direct in contact moet kunnen staan met zijn achterban.


Faciliteiten en MR

Er zijn zoals hierboven geschetst een aantal zaken waar de MR wettelijk recht op heeft. Andere zaken kunnen MR en bevoegd gezag samen afspraken over maken, of bepaalt het bevoegd gezag zelf. Al deze afspraken samen worden opgenomen in het medezeggenschapsstatuut, of in een faciliteitenregeling als bijlage van het medezeggenschapsstatuut (artikel 22e WMS). Het bevoegd gezag stelt het medezeggenschapsstatuut op en de GMR moet hier met minstens twee derde meerderheid mee instemmen (artikel 21 WMS).

Het medezeggenschapsstatuut met faciliteitenregeling wordt opgesteld op niveau van de stichting. Het is mogelijk dat op schoolniveau de MR nadere afspraken maakt met de schoolleiding over faciliteiten voor de MR. Bijvoorbeeld om op schoolniveau een vacatievergoeding toe te kennen voor ouders en leerlingen, als dit in het statuut niet is geregeld. Het is echter aan te raden om dergelijke afspraken voor alle MR’s binnen de stichting hetzelfde te laten zijn, om ongelijkheid te voorkomen.


Faciliteitenregeling en VOO

De VOO heeft veel ervaring met het beantwoorden van vragen die MR-leden over hun rechten op gebied van faciliteiten hebben. Via de VOO Helpdesk voor leden beantwoorden onze medezeggenschapsspecialisten dagelijks vragen over onderwijs en medezeggenschap. Als u een vraag heeft over de faciliteiten voor de MR, word dan lid van de VOO en neem contact op met onze helpdesk.

Heeft de MR discussie met het bevoegd gezag of bepaalde kosten wel of niet vergoed worden en weigert het bevoegd gezag bepaalde kosten te voldoen, dan kunnen we de MR helpen middels onze VOO Servicekaart. Een onafhankelijk expert op gebied van medezeggenschap denkt met de situatie mee en geeft advies. Meer informatie vindt u op de pagina begeleiding.

  • Bedragen voor facilitering

    De wet stelt dat er vanuit de overheid bekostiging is voor het voor het uitoefenen van activiteiten in het kader van de Wet medezeggenschap op scholen (WMS). De overheid kent een basisbedrag per school en een basisbedrag per leerling toe, per jaar. Let wel: deze bedragen betekenen niet dat de MR maximaal deze bedragen mag spenderen. Net als voor alle andere zaken heeft de school één pot met geld en worden de gelden niet geoormerkt. Zo heeft ook de directie geen maximum voor de hoeveelheid scholing die hij/zij mag volgen of een maximum aan inhuur van externe deskundigen.

    1 – Leerlingafhankelijke PvE’s

    Allereerst zijn er bedragen opgenomen afhankelijk van het aantal leerlingen dat een school heeft.

    • Basisonderwijs (regulier): 20,80 + 3,04 x [aantal leerlingen]
    • Basisonderwijs (speciaal): 476,80
    • Voortgezet onderwijs (regulier): geen bedragen – redelijkerwijs basisonderwijs (regulier) van toepassing
    • Voortgezet onderwijs (speciaal): geen bedragen – redelijkerwijs basisonderwijs (speciaal) van toepassing

    2 – Bedragen uit de cao po

    Daarnaast heeft formeel de personeelsgeleding van de (G)MR recht op een vast bedrag, o.b.v. het aantal leerlingen van de school. Deze afspraken zijn in de cao van het primair onderwijs opgenomen. In de cao van het voortgezet onderwijs zijn hier geen afspraken opgenomen.

    Aantal leerlingen Basisonderwijs Speciaal basis en speciaal voortgezet onderwijs
    0 tot 250 leerlingen €927 €1.008
    250 tot 750 leerlingen €1.545 €1.679
    750 tot 1250 leerlingen €2.163 €2.351
    1250 of meer leerlingen €2.780 €3.023

    De werkgever stelt voor de PGMR per deelnemende school de volgende faciliteiten beschikbaar:

    • Scholen voor basisonderwijs: €1.545 in het betreffende schooljaar;
    • Scholen voor speciaal basisonderwijs en scholen voor speciaal en/of voortgezet speciaal onderwijs: €1.679 in het betreffende schooljaar.

    Totale bedragen

    Middels bovenstaande bedragen valt een rekensom vast te stellen voor de bedragen waar de (G)MR recht op heeft. Dit is als volgt:

    Regulier basisonderwijs en voortgezet onderwijs

    • MR, 0-250 leerlingen: 948 + 3,04 x [aantal leerlingen]
    • MR, 250-750 leerlingen: 1.566 + 3,04 x [aantal leerlingen]
    • MR, 750-1250 leerlingen: 2.184 + 3,04 x [aantal leerlingen]
    • MR, 1250 of meer leerlingen: 2.801 + 3,04 x [aantal leerlingen]
    • GMR, ongeacht leerlingen: 1.566

    Speciaal basisonderwijs en speciaal voortgezet onderwijs

    • MR, 0-250 leerlingen: 1.484,80
    • MR, 250-750 leerlingen: 2.155,80
    • MR, 750-1250 leerlingen: 2.827,80
    • MR, 1250 of meer leerlingen: 3.499,80
    • GMR, ongeacht leerlingen: 2.155,80


Janny Arends
Senior beleidsadviseur

Janny is senior beleidsadviseur bij de VOO en houdt zich in het bijzonder bezig met medezeggenschap.

Meer over Janny

MR Compleet

Complete basiscursus voor MR-leden bestaande uit drie bijeenkomsten.

Bekijk cursus

Raadpleeg de VOO Helpdesk

Voor alle vragen over onderwijs en medezeggenschap kunnen leden van de VOO terecht bij de helpdesk.

Helpdesk

Het is weer zover. De lente is begonnen, maar zoals bijna elk jaar is er nog veel op aan te merken. Te koud, te nat, te instabiel. Het is net de Staat van het Onderwijs. Elk jaar in april presenteert de Inspectie van het Onderwijs onder die noemer haar bevindingen in een lijvig rapport. Ook dit jaar is het weer raak, met nog ronkender bewoordingen dan vorige editie...



Als reactie op de aanpassingen in de Wet medezeggenschap op scholen (WMS) per 1 augustus 2023, hebben Tweede Kamerleden Stoffer en Pijpelink een amendement voorgesteld dat deze week met algemene stemmen in de Tweede Kamer is aangenomen. Dit amendement op een onderdeel van de Reparatiewet OCW voor het jaar 2023-2024, versterkt de informatiepositie van de medezeggenschapsraad en brengt de tekst van de WMS op dit punt in lijn met de tekst in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW). 



popup-close

Blijf op de hoogte van de laatste updates met onze nieuwsbrief!

Ontvang wekelijks nieuwe artikelen, tips en exclusieve inhoud over medezeggenschap, of maandelijkse updates over openbaar onderwijs.

"*" geeft vereiste velden aan

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws en updates*
Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.