Nieuws

Brief naar Kamercommissie over wet Bestuurlijke harmonisatie beroepsonderwijs

Gepubliceerd op: maandag 14 juni 2021

Het Wetsvoorstel Bestuurlijke harmonisatie beroepsonderwijs beoogt het onder andere mogelijk te maken dat mbo-instellingen kunnen fuseren met scholen voor voortgezet onderwijs. Dit zou goed zijn om de dalende instroom in het beroepsonderwijs op te vangen en de doorstroom tussen met name VMBO en MBO te verbeteren.

De wet is echter tot stand gekomen zonder betrokkenheid van belangrijke partijen zoals ouderorganisaties, vakbonden en leerlingenorganisaties. Het resultaat is een wet die meer problemen oplevert dan oplost. Onze belangrijkste bezwaren:

1. In een fusieschool geldt straks de Wet op de Ondernemingsraden (WOR) in plaats van de Wet Medezeggenschap op Scholen (WMS). Daardoor komt een waslijst aan medezeggenschapsrechten die met name ouders en leerlingen nu hebben te vervallen.

2. De wet is veel breder gemaakt dan nodig is en daardoor ontstaan onnodig ook veel meer problemen.

3. De breedte van het aanbod en daarmee echte vrije schoolkeuze komt onder druk te staan, waarbij we ons vooral zorgen maken over de beschikbaarheid van voldoende openbaar onderwijs.

Vandaag deden de VOO, AOb, CNV, FvOV, FNV, LAKS en O&O in een brief een laatste dringende oproep aan de Kamercommissie Onderwijs om deze wet niet aan te nemen en terug te sturen naar de tekentafel, waarbij wij uiteraard graag beschikbaar zijn om mee te denken over een betere wet.

Lees de brief hier.

Marco Frijlink
Voorzitter

Marco is de voorzitter van de VOO en is verantwoordelijk voor het goed functioneren van de vereniging.

Meer over Marco

De VOO heeft iets nieuws ontwikkeld voor de MR: een checklist. Deze kan de MR gebruiken bij advies- en instemmingsverzoeken die de MR voorgelegd krijgt. Zo weet de MR altijd zeker dat de juiste stappen worden gevolgd.



Soms is het onvermijdelijk: een school kan niet langer voortbestaan. Soms komt dat doordat de kwaliteit te lang onder druk staat en het bevoegd gezag geen reële mogelijkheden meer ziet om het tij te keren, bijvoorbeeld doordat het lerarentekort daar niet op te lossen blijkt. Meestal echter heeft het te maken met het leerlingenaantal. Als dat té lang té laag is, heeft dat niet alleen mogelijk consequenties voor de kwaliteit op een school, maar komen ook de financiën onder druk te staan.