Raad van toezicht

Voor het laatst bewerkt op: dinsdag 18 juli 2023

Elke school of scholengroep kent een raad van toezicht (RvT). De raad van toezicht is verantwoordelijk voor de algemene leiding over de stichting. De RvT wordt ook wel toezichthoudend orgaan genoemd.


Wat doet een toezichthoudend orgaan?

De raad van toezicht is een orgaan binnen de onderwijsstichting die toezicht houdt op het dagelijks bestuur of het college van bestuur (CvB). Het toezichthoudend orgaan kijkt mee met het werk van het CvB en adviseert en ondersteunt hen. De RvT kijkt naar de resultaten die het CvB levert, controleert of de wetten en regels worden nageleefd en houdt toezicht op integriteit van het bestuur.

De RvT gaat over zijn eigen beloning. In principe is alle informatie hierover te vinden in het jaarverslag en de medezeggenschapsraad (MR) en raad van toezicht bespreken dit met elkaar. Eenmaal per jaar ontvangt de MR ook de schriftelijke gegevens over de hoogte en inhoud van de arbeidsvoorwaardelijke regelingen en afspraken met het toezichthoudend orgaan (artikel 8 lid 2g WMS)


Hoe worden de leden benoemd?

Het college van bestuur wordt benoemd door de raad van toezicht. Ook heeft de raad het recht om leden van het college van bestuur te ontslaan. In geval van een bijzonder onderwijsstichting benoemd de raad van toezicht zichzelf, bij openbare onderwijsstichtingen worden de leden van de raad van toezicht benoemd door de gemeenteraad van de gemeente waar de hoofdvestiging van de stichting is.

In een reglement op niveau van de stichting is het goed om afspraken te maken over de wijze waarop een eventuele herbenoeming van een lid van de raad van toezicht plaatsvindt. Ook de statuten van de onderwijsinstelling kunnen informatie bieden over de rol en benoeming van de leden van de raad van toezicht.


Raad van toezicht en MR

De MR heeft een adviesrecht bij het vaststellen van de competentieprofielen van de toezichthouder (artikel 11 lid 1q WMS). Deze profielen worden vervolgens openbaar gemaakt, conform artikel 17a lid 2 WPO en artikel 24d lid 2 WVO. Daarnaast heeft de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad het recht om een bindende voordracht te doen voor één lid van de raad.

In het openbaar onderwijs gaat deze bevoegdheid verder: ouders mogen daar ook een bindende voordracht doen voor minimaal een derde (maar geen meerderheid) van de leden van de raad van toezicht (artikel 47 lid 4b en lid 9b WPO en artikel 3.8 lid 1b WVO 2020). Vaak wordt dit recht uitgeoefend door de oudergeleding van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad.


VOO en raad van toezicht

Om de relatie tussen MR, RvT en het bestuur helder te hebben, biedt de VOO de cursus Relatie MR, bevoegd gezag en RvT aan. Met deze cursus kunt u als MR-lid, RvT-lid of bestuurder samen met uw collega’s inzicht krijgen in de rolverdeling en taken tussen deze drie belangrijke organen. Ook biedt de VOO begeleiding voor raden van toezicht.


Bram Buskoop
Beleidsadviseur

Bram is beleidsadviseur bij de VOO en houdt zich in het bijzonder bezig met medezeggenschap en kansengelijkheid.

Meer over Bram

Inschrijven voor onze nieuwsbrieven

"*" geeft vereiste velden aan

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws en updates*
Schrijf u in voor onze nieuwsbrief en ontvang wekelijks de nieuwste artikelen, tips en exclusieve inhoud over medezeggenschap, of kies voor de maandelijkse nieuwsbrief voor een update over het openbaar onderwijs.
Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Raadpleeg de VOO Helpdesk

Voor alle vragen over onderwijs en medezeggenschap kunnen leden van de VOO terecht bij de helpdesk.

Helpdesk

De VOO heeft iets nieuws ontwikkeld voor de MR: een checklist. Deze kan de MR gebruiken bij advies- en instemmingsverzoeken die de MR voorgelegd krijgt. Zo weet de MR altijd zeker dat de juiste stappen worden gevolgd.



Soms is het onvermijdelijk: een school kan niet langer voortbestaan. Soms komt dat doordat de kwaliteit te lang onder druk staat en het bevoegd gezag geen reële mogelijkheden meer ziet om het tij te keren, bijvoorbeeld doordat het lerarentekort daar niet op te lossen blijkt. Meestal echter heeft het te maken met het leerlingenaantal. Als dat té lang té laag is, heeft dat niet alleen mogelijk consequenties voor de kwaliteit op een school, maar komen ook de financiën onder druk te staan.