Moeten ouders stemmen bij een ouderraadpleging?

Antwoord

Een ouderraadpleging is in een aantal gevallen verplicht om te houden (artikel 15 lid 3 WMS). Dit betekent dat alle ouders de kans moeten krijgen om hun mening te geven over een bepaald voorgenomen besluit, bijvoorbeeld als het gaat om een wijziging van de schooltijden. De raadpleging is verder vormvrij. Meestal vindt de ouderraadpleging digitaal plaats, door een korte vragenlijst voor te leggen bij alle ouders.

Het is af te raden om in deze vragenlijst vragen als ‘bent u voor of tegen…’ te stellen. Het doel van de raadpleging is om argumenten op te halen bij ouders over een voorgestelde wijziging van het schoolbeleid. Dat kan het beste met open vragen. Bovendien leidt zo’n ‘voor of tegen’ vraag tot veel discussie: wat als bijvoorbeeld maar 50% van de ouders stemt en 60% is voor, is dat dan een geldige uitslag? Of als 70% tegen is en 30% voor, maar degenen die vóór zijn veel betere argumenten hebben gebruikt, waar luister je dan meer naar?

De raadpleging is bedoeld als advies naar de MR. De MR neemt de uitkomsten van de raadpleging serieus mee in zijn afweging, maar er zijn nog meer bronnen van informatie die de MR gebruikt om een afweging te maken.


De VOO is expert op gebied van medezeggenschap. Veel informatie is te vinden in onze uitgebreide kennisbank. Wilt u vragen stellen aan onze experts over dit of een ander onderwerp? Word dan lid en neem contact op met de VOO Helpdesk!

Bram Buskoop
Beleidsadviseur

Bram is beleidsadviseur bij de VOO en houdt zich in het bijzonder bezig met medezeggenschap en kansengelijkheid.

Meer over Bram

MR en Achterban

MR en Achterban is dé cursus waarbij u meer leert over het betrekken van ouders en personeel bij het MR-werk.

Bekijk cursus

De VOO heeft iets nieuws ontwikkeld voor de MR: een checklist. Deze kan de MR gebruiken bij advies- en instemmingsverzoeken die de MR voorgelegd krijgt. Zo weet de MR altijd zeker dat de juiste stappen worden gevolgd.



Soms is het onvermijdelijk: een school kan niet langer voortbestaan. Soms komt dat doordat de kwaliteit te lang onder druk staat en het bevoegd gezag geen reële mogelijkheden meer ziet om het tij te keren, bijvoorbeeld doordat het lerarentekort daar niet op te lossen blijkt. Meestal echter heeft het te maken met het leerlingenaantal. Als dat té lang té laag is, heeft dat niet alleen mogelijk consequenties voor de kwaliteit op een school, maar komen ook de financiën onder druk te staan.