Klachtenregeling

    Home - Klachtenregeling

1. Definities
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. Opdrachtgever: de natuurlijke- of rechtspersoon, die aan de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) opdracht geeft tot het uitvoeren van een of meer diensten.
b. Diensten: het geven van ouderavonden, cursussen, advies, voorlichting, coaching, workshops, organiseren van personeelsdagen en/of de ontwikkeling van producten.
c. Opdrachtnemer: de VOO te Bussum.
d. Deelnemer: de natuurlijke persoon die deelneemt aan een van de cursussen of workshops van de VOO.
e. Klacht: een beschrijving van dat deel van een dienst waarover een opdrachtgever, deelnemer, persoonlijk- of niet-persoonlijk lid niet tevreden is.

2. Oplossing
Indien een deelnemer of opdrachtgever een klacht heeft over de organisatie, de communicatie, uitvoering of nazorg t.a.v. een cursus, dan is de eerste stap het contact opnemen met het Cursusbureau van de VOO, om te kijken of de oorzaak van de klacht direct kan worden verholpen.

3. Klacht in eerste instantie
Indien dat naar het oordeel van het Cursusbureau niet mogelijk of niet wenselijk is, en dat met redenen omkleed heeft toegelicht, staat het de deelnemer of opdrachtgever vrij een klacht in te dienen. Het Cursusbureau stelt de klagende partij in elk geval op dit moment deze klachtenregeling ter hand. Dit geschiedt bij de beleidsadviseur die verantwoordelijk is voor het cluster cursussen waar de betreffende cursus onder valt. Op de website: voo.nl/cursussen wordt elke cursus beschreven. In de kolom rechts naast elke cursus staat de verantwoordelijk beleidsadviseur met zijn of haar contactgegevens.

De beleidsadviseur neemt kennis van de klacht en gaat na of deze niet alsnog eenvoudig is te verhelpen. Indien dat niet het geval is, zal de beleidsadviseur binnen vier weken aan de klagende laten weten wat er met zijn/haar klacht is gebeurd.

4. Klacht in tweede instantie
Indien de klagende van mening is dat de afhandeling door de beleidsadviseur niet afdoende is, dan staat hem/haar de mogelijkheid open de klacht voor te leggen aan de directeur-bestuurder van de VOO. Deze stelt zich op de hoogte van de klacht, hoort de klagende en de beleidsadviseur en laat de klagende binnen 10 werkdagen zijn beslissing weten.

5. Beroep in laatste instantie
Indien de klagende van mening is dat de beslissing van de directeur niet afdoende is, dan staat hem/haar hiertegen de mogelijkheid van laatste beroep open. Hiertoe kan de klagende partij de kwestie voorleggen aan de onafhankelijk van de VOO opererende: Joke van der Burg, zelfstandig werkend specialist Onderwijs & Kwaliteit. Zij is bereikbaar via e-mail: [email protected]

Na ontvangst van het beroep tegen de beslissing van de directeur-bestuurder zal zij binnen 4 weken beide partijen horen en indien nodig nadere informatie opvragen. Uiterlijk 6 weken na aanhangig maken van het beroep zal zij een voor partijen bindende uitspraak doen en hen daar schriftelijk of per e-mail van in kennis stellen.

6. Inwerkingtreding
Deze klachtenregeling is in werking sinds 9 november 2023.

Saida Oulad Youssef
Medewerker secretariaat

Saida werkt op het secretariaat van de VOO en houdt zich bezig met de organisatie van cursussen en de ledenadministratie.

Meer over Saida

Inschrijven voor onze nieuwsbrieven

"*" geeft vereiste velden aan

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws en updates*
Schrijf u in voor onze nieuwsbrief en ontvang wekelijks de nieuwste artikelen, tips en exclusieve inhoud over medezeggenschap, of kies voor de maandelijkse nieuwsbrief voor een update over het openbaar onderwijs.
Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

De VOO heeft iets nieuws ontwikkeld voor de MR: een checklist. Deze kan de MR gebruiken bij advies- en instemmingsverzoeken die de MR voorgelegd krijgt. Zo weet de MR altijd zeker dat de juiste stappen worden gevolgd.



Soms is het onvermijdelijk: een school kan niet langer voortbestaan. Soms komt dat doordat de kwaliteit te lang onder druk staat en het bevoegd gezag geen reële mogelijkheden meer ziet om het tij te keren, bijvoorbeeld doordat het lerarentekort daar niet op te lossen blijkt. Meestal echter heeft het te maken met het leerlingenaantal. Als dat té lang té laag is, heeft dat niet alleen mogelijk consequenties voor de kwaliteit op een school, maar komen ook de financiën onder druk te staan.