De VOO heeft een persbericht verstuurd over de aangenomen motie in de Tweede Kamer voor hoge verwachtingen van ieder kind.
In het primair en voortgezet onderwijs maken ouders deel uit van de medezeggenschapsraad (MR). Lees verder over de samenstelling, taken, rechten en plichten van de oudergeleding in de MR (OMR).
Waarom als ouder in de MR?
Medezeggenschap op school zorgt ervoor dat personeelsleden, ouders en leerlingen een belangrijke stem hebben bij besluiten die op school worden genomen. Met goede medezeggenschap wordt tevens een bijdrage geleverd aan de kwaliteit van het onderwijs. Daar krijgt een OMR-lid ook faciliteiten voor: zowel in vergoeding als in de mogelijkheid om cursussen te volgen en begeleiding in te schakelen.
Samen met de andere MR-leden denk je als MR-lid mee over het beleid op school. Dat levert de school veel op, maar ook persoonlijk kan het lidmaatschap van de MR veel voordelen hebben. Een MR-lid staat in contact met veel mensen, doet veel kennis op en krijgt de kans om zijn/haar mening te laten horen over allerlei schoolonderwerpen.
Samenstelling oudergeleding MR
In de Wet medezeggenschap op scholen (WMS) is geregeld dat elke MR minimaal 4 leden moet hebben. In het primair onderwijs 2 personeelsleden en 2 ouders, in het voortgezet onderwijs 2 personeelsleden, 1 ouder en 1 leerling. Het precieze aantal leden staat opgenomen in het medezeggenschapsreglement van de school.
Elke ouder, voogd of verzorger (die actief zorg draagt voor de opvoeding van kinderen) mag zich kandidaat stellen voor een plek in de MR en mag stemmen op één van de kandidaten van de eigen geleding. In het medezeggenschapsreglement kunnen afspraken worden opgenomen over hoe de OMR moet zijn samengesteld. Zo kan een afspraak zijn dat van bijvoorbeeld 2 OMR-zetels in het primair onderwijs er 1 zetel voor een ouder van een kind in de onderbouw en 1 zetel voor een ouder van een kind in de bovenbouw wordt gereserveerd.
Taken van de OMR
Bij belangrijke besluiten over het schoolbeleid moet de MR eerst om advies of instemming worden gevraagd. Er zijn beleidsonderwerpen waar de hele MR om advies of instemming wordt gevraagd en er zijn beleidsonderwerpen waar alleen de personeelsgeleding, deoudergeleding en/of de leerlinggeleding een instemmingsrecht heeft.
Voor de oudergeleding geldt dat bijvoorbeeld de hoogte en bestemming van de ouderbijdrage, de schoolgids en de onderwijstijd (po) ter instemming moeten worden voorgelegd. Bij dergelijke beleidsvoorstellen heeft de MR een meebeslissende rol. Met zijn initiërende rol kan de MR ook zelf voorstellen doen om het beleid te verbeteren.
Contact met de achterban
De MR heeft ook een vertegenwoordigende rol. Dat houdt in dat de OMR contact moet onderhouden met de andere ouders met kinderen op de school. Dat gebeurt door het versturen van informatie over waar de MR mee bezig is en door het ophalen van informatie bij mede-ouders.
Er zijn vele manieren waarop de (O)MR hiermee aan de slag kan. Een MR-pagina op de website van de school, het uitdelen van of meegeven aan leerlingen van flyers voor ouders en aan nieuwe ouders direct informatie verschaffen over (het belang van) de MR zijn hier voorbeelden van.
Meer weten over dit onderwerp?
Medezeggenschapsorganen en personen die lid zijn van de VOO kunnen elke schooldag contact opnemen met onze helpdesk met vragen over onderwijs en medezeggenschap. Verder hebben we een uitgebreid cursusaanbod en kunnen we begeleiden bij medezeggenschapskwesties.
Nog geen lid? Meer informatie over het lidmaatschap is op deze pagina te vinden, evenals de mogelijkheid om lid te worden. Naast contact met de helpdesk biedt het lidmaatschap voor medezeggenschapsorganen ook korting op alle cursussen en begeleiding, een gratis handboek voor nieuwe MR-leden en nog veel meer!
Bram Buskoop
BeleidsadviseurBram werkt sinds 2019 als beleidsadviseur bij de VOO, waar hij zich in het bijzonder bezighoudt met medezeggenschap en de website.
Meer over BramInschrijven voor onze nieuwsbrieven
"*" geeft vereiste velden aan
Waarom hoge verwachtingen van kinderen belangrijk zijn voor kansengelijkheid? Emeritus hoogelaar neuropsychologie Jelle Jolles legt het uit.