Lesmethodes

Laatst bijgewerkt op 17 augustus 2026

Elke school maakt gebruik van lesmethodes om onderwijs vorm te geven. De keuzes die scholen hierin maken, hebben invloed op de manier waarop leerlingen les krijgen. De MR heeft een rol bij de besluitvorming over deze keuzes.

In het kort

  • Scholen bepalen zelfstandig welke lesmethodes zij gebruiken, zonder verplichte keuzes vanuit de overheid.
  • Het onderwijsteam of een vaksectie beoordeelt welke methode aansluit bij de onderwijsvisie en leerlingdoelen.
  • De MR heeft instemmingsrecht op het schoolplan, waaronder keuzes over lesmethodes vallen.

Wat is een lesmethode?

Een lesmethode is een samenhangend pakket van materialen en middelen waarmee een school bepaalde lesstof aanbiedt. Scholen kunnen ervoor kiezen om zelf lesmateriaal te ontwikkelen, maar maken vaak gebruik van methodes die door externe partijen zijn ontwikkeld.

Lesmethodes worden gebruikt voor verschillende vakgebieden, zoals begrijpend lezen, rekenen, geschiedenis of aardrijkskunde. Een methode bestaat meestal uit leerboeken en werkboeken, aangevuld met digitaal materiaal, toetsen of andere hulpmiddelen die het leerproces ondersteunen.

Keuze uit methodes

Scholen bepalen zelf welke lesmethodes zij gebruiken. Door de vrijheid van onderwijs zijn scholen niet verplicht om bepaalde methodes te kiezen. Het onderwijsteam of een vaksectie beoordeelt welke methode het beste aansluit bij de onderwijsvisie, de leerlingen en de doelen van de school.

Er zijn verschillende grote uitgevers van lesmethodes, waaronder Malmberg, Noordhoff, ThiemeMeulenhoff en Zwijsen. Scholen kunnen materialen rechtstreeks bij uitgevers aanschaffen, maar maken ook vaak gebruik van distributeurs die meerdere soorten onderwijsproducten leveren. NEON is een collectief van schoolleiders, bestuurders en leraren die samen materialen maken.

Vervangen van een lesmethode

Een lesmethode wordt gedurende een aantal jaren gebruikt en na verloop van tijd vervangen. Aanleiding daarvoor kan zijn dat het materiaal verouderd is, dat de methode niet meer aansluit bij de onderwijsvisie van de school of dat de uitgever een nieuwe versie uitbrengt. Ook een wijziging van de landelijke doelen voor een vakgebied kan aanleiding zijn om een methode te vervangen.

Voorafgaand aan een vervanging bekijken scholen vaak meerdere methodes naast elkaar. Uitgevers stellen daarvoor proefmateriaal beschikbaar, zodat leraren de methode in de eigen groep kunnen uitproberen. De uitkomsten van zo’n proefperiode worden gebruikt bij de uiteindelijke keuze.

Kosten van lesmethodes

De aanschaf van lesmethodes wordt betaald uit de middelen die een school van de overheid ontvangt. Deze kosten maken onderdeel uit van de begroting van de school. Omdat een methode een aantal jaren meegaat, wordt de aanschaf meestal over meerdere jaren gespreid.

In het voortgezet onderwijs geldt dat leermiddelen die noodzakelijk zijn voor het volgen van het onderwijs kosteloos aan leerlingen beschikbaar worden gesteld. Voor andere materialen kan een school een bijdrage vragen. Deze bijdrage valt onder de schoolkosten.

Rol van de MR

De MR heeft een instemmingsrecht op het schoolplan (artikel 10 sub b WMS). De keuzes rondom lesmethodes maken onderdeel uit van het onderwijsbeleid en vallen daarmee onder het schoolplan. De MR kan daarom vragen stellen over de gemaakte keuzes en hierover met het bevoegd gezag in gesprek gaan.

De MR kan bijvoorbeeld vragen stellen over de onderbouwing van een gekozen methode, de effectiviteit ervan, welke alternatieven zijn onderzocht en waarom daarvoor niet is gekozen. Ook kan de MR aandacht vragen voor de manier waarop wensen en ervaringen van ouders, leerlingen en medewerkers zijn meegenomen in het keuzeproces.

De VOO helpt (G)MR's verder

Met deze vormen van ondersteuning

Nieuwsbrief Medezeggenschap

Wekelijks actualiteiten en tips voor iedereen met een rol in de medezeggenschap.

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Ook de nieuwsbrieven Kansengelijkheid en Openbaar onderwijs

Scroll naar boven