Laatst bijgewerkt op 12 augustus 2026
Burgerschap is een verplicht onderdeel van het onderwijs in Nederland. Tegelijkertijd gaat burgerschap verder dan alleen de lessen in de klas: het is zichtbaar in de hele schoolcultuur en in de manier waarop leerlingen, ouders en medewerkers met elkaar omgaan. Scholen hebben daarom de opdracht om burgerschap zowel in het onderwijs als in de dagelijkse praktijk vorm te geven.
In het kort
- Scholen zijn sinds 2006 wettelijk verplicht een visie op burgerschapsonderwijs te ontwikkelen en te evalueren.
- Het onderwijs moet kennis van de democratische rechtsstaat, sociale competenties en respect voor verschillen bevorderen.
- De MR heeft instemmingsrecht op het schoolplan, waarin het burgerschapsbeleid is opgenomen.
Burgerschap is verplicht
De overheid vindt het belangrijk dat iedere leerling kennismaakt met de Nederlandse democratische rechtsstaat en leert hoe hij of zij actief kan deelnemen aan de samenleving. Daarom is burgerschap sinds 2006 een wettelijke opdracht voor scholen. Iedere school moet een visie op burgerschapsonderwijs ontwikkelen, deze uitwerken, de resultaten evalueren en hierover verantwoording afleggen in het schoolplan en de schoolgids.
Scholen hebben veel ruimte om zelf invulling te geven aan deze opdracht. De Rijksoverheid schrijft bijvoorbeeld niet voor welke lesmethoden gebruikt moeten worden of welke specifieke lesstof moet worden behandeld.
De burgerschapsopdracht
Scholen zijn verplicht om actief burgerschap en sociale cohesie op een doelgerichte en samenhangende manier te bevorderen. Daarbij moet het onderwijs zich in ieder geval richten op drie belangrijke onderdelen.
Deze onderdelen zijn: het bevorderen van kennis van en respect voor de democratische rechtsstaat, het ontwikkelen van sociale en maatschappelijke competenties waarmee leerlingen actief kunnen deelnemen aan de pluriforme Nederlandse samenleving, en het bijbrengen van kennis van en respect voor verschillen in onder meer godsdienst, levensovertuiging, politieke overtuiging, afkomst, geslacht, handicap en seksuele gerichtheid. Ook hoort daarbij het uitgangspunt dat gelijke gevallen gelijk worden behandeld.
Burgerschap in de school
Burgerschap krijgt vorm tijdens lessen, bijvoorbeeld binnen vakken als Burgerschap, Maatschappijleer of Maatschappijwetenschappen. Hier leren leerlingen over democratie, de rechtsstaat, grondrechten en respect voor anderen. Voor het voortgezet onderwijs biedt ProDemos onder meer het gratis Handboek Burgerschapsonderwijs aan.
Burgerschap beperkt zich echter niet tot het klaslokaal. Een school brengt burgerschap juist ook in de praktijk door leerlingen en ouders actief te betrekken, medezeggenschap serieus te nemen en ruimte te bieden aan initiatieven zoals een leerlingenraad of ouderraad. Zo ervaren leerlingen dagelijks hoe democratische besluitvorming en participatie werken.
Rol van de MR
De MR heeft een instemmingsrecht op het schoolplan (artikel 10 sub b WMS). Omdat het beleid rondom burgerschap en burgerschapsonderwijs onderdeel uitmaakt van het schoolplan, heeft de MR invloed op de manier waarop de school invulling geeft aan deze wettelijke opdracht.
Daarnaast kan de MR met het bevoegd gezag meedenken over de bredere invulling van burgerschap binnen de school. Denk bijvoorbeeld aan het stimuleren van een leerlingenraad, het versterken van de medezeggenschap of het organiseren van buitenschoolse activiteiten. De oudergeleding van de MR heeft bovendien een instemmingsrecht op de hoogte en bestemming van de vrijwillige ouderbijdrage, die mede kan worden ingezet voor activiteiten die bijdragen aan burgerschap (artikel 13 lid 1 sub c en artikel 14 lid 2 sub d WMS).
Gerelateerde pagina's
De VOO helpt (G)MR's verder
Met deze vormen van ondersteuning
Nieuwsbrief Medezeggenschap
Wekelijks actualiteiten en tips voor iedereen met een rol in de medezeggenschap.