Laatst bijgewerkt op 12 augustus 2026
Iedere werknemer heeft recht op vakantie. Ook in het onderwijs zijn hierover duidelijke wettelijke regels en cao-afspraken gemaakt, waarbij de meeste vakantiedagen samenvallen met de schoolvakanties.
In het kort
- Medewerkers in het primair onderwijs hebben bij een fulltime dienstverband recht op 428 vakantie-uren per jaar.
- Vakantieverlof wordt in beginsel opgenomen tijdens de vastgestelde schoolvakanties, in overleg met de werkgever.
- De personeelsgeleding van de MR heeft instemmingsrecht op de verlofregeling en op de invulling van roostervrije dagen.
Arbeidsvoorwaarden en vakantie
Arbeidsvoorwaarden worden onderverdeeld in primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden. Primaire arbeidsvoorwaarden hebben betrekking op zaken als salaris, arbeidsduur en regelingen bij ziekte, arbeidsongeschiktheid en werkloosheid. Secundaire arbeidsvoorwaarden gaan onder meer over reiskosten, pensioen en vakantie.
Het recht op vakantie bestaat uit wettelijke vakantiedagen, die zijn vastgelegd in de wet, en bovenwettelijke vakantie-uren, die zijn opgenomen in de cao. Het aantal wettelijke vakantiedagen is voor iedere werknemer gelijk, terwijl het aantal bovenwettelijke uren per sector kan verschillen.
Vakantieverlof in het onderwijs
Voor medewerkers in het primair onderwijs geldt bij een fulltime dienstverband van 40 uur een vakantieverlof van 428 uur per jaar. Dit komt neer op 53,5 vakantiedagen van acht uur. Bij een deeltijddienstverband wordt het aantal vakantie-uren naar rato berekend.
De meeste vakantie-uren worden opgenomen tijdens de schoolvakanties. Hierdoor sluit het vakantieverlof van medewerkers grotendeels aan bij de vakanties van leerlingen. Voor onderwijsondersteunend personeel zonder lesgebonden of behandeltaken gelden ruimere mogelijkheden om een deel van het verlof buiten de schoolvakanties op te nemen.
Verlof opnemen
Medewerkers in het onderwijs zijn voor het opnemen van hun vakantieverlof in beginsel gebonden aan de vastgestelde schoolvakanties. Blijven er na afloop van de schoolvakanties nog vakantie-uren over, dan kunnen deze in overleg met de werkgever op een ander moment worden opgenomen. Daarbij wordt gekeken naar de continuïteit van het onderwijs en de organisatie van het werk.
Hoeveel vakantie-uren worden afgeschreven, hangt af van het aantal uren dat een medewerker volgens het rooster op de betreffende dag zou werken. Voor deeltijdmedewerkers betekent dit dat het verlofsaldo aansluit bij de individuele werktijden en het persoonlijke rooster.
Rol van de MR
De personeelsgeleding van de medezeggenschapsraad (PMR) heeft een instemmingsrecht op de verlofregeling (artikel 12 lid 1 sub e WMS). Daarnaast heeft de MR een adviesrecht op de door de school vast te stellen vakantieregeling, voor zover het gaat om vakantiedata waarover de school zelf kan beslissen en niet om landelijk vastgestelde schoolvakanties.
In het voortgezet onderwijs mogen daarnaast maximaal twaalf roostervrije dagen worden vastgesteld op grond van het Inrichtingsbesluit WVO. De MR heeft instemmingsrecht bij het vaststellen van deze dagen. De personeelsgeleding van de MR heeft bovendien instemmingsrecht over de wijze waarop deze roostervrije dagen worden ingevuld.
Gerelateerde pagina's
De VOO helpt (G)MR's verder
Met deze vormen van ondersteuning
Nieuwsbrief Medezeggenschap
Wekelijks actualiteiten en tips voor iedereen met een rol in de medezeggenschap.