Laatst bijgewerkt op 12 augustus 2026
In het ondersteuningsplan leggen scholen binnen een samenwerkingsverband vast hoe passend onderwijs in de regio wordt georganiseerd. Het plan beschrijft welke ondersteuning leerlingen kunnen verwachten en hoe de beschikbare middelen worden ingezet. De ondersteuningsplanraad (OPR) heeft hierbij een belangrijke rol.
In het kort
- Het ondersteuningsplan legt vast hoe een samenwerkingsverband passend onderwijs organiseert.
- Het ondersteuningsplan bevat ook de procedures en criteria voor verdeling van financiële middelen.
- De ondersteuningsplanraad heeft instemmingsrecht op het ondersteuningsplan en haalt signalen op via medezeggenschapsraden.
Wat is het ondersteuningsplan?
Het ondersteuningsplan beschrijft hoe een samenwerkingsverband invulling geeft aan passend onderwijs. De inhoud van het plan is wettelijk vastgelegd in artikel 18a lid 8 WPO (primair onderwijs) en artikel 2.47 lid 9 WVO (voortgezet onderwijs). Hierin staat onder meer welke ondersteuning leerlingen op reguliere scholen kunnen ontvangen en in welke situaties plaatsing in het gespecialiseerd onderwijs passend is.
Het plan vormt daarmee de basis voor de samenwerking tussen de aangesloten schoolbesturen. Scholen weten welke afspraken binnen de regio gelden en ouders en leerlingen krijgen duidelijkheid over de ondersteuning die beschikbaar is.
Inhoud van het ondersteuningsplan
Het ondersteuningsplan bevat de procedures en criteria voor de verdeling van de financiële middelen over de aangesloten scholen. Ook beschrijft het hoe het samenwerkingsverband ervoor zorgt dat leerlingen tijdig de juiste ondersteuning krijgen en hoe ouders worden geïnformeerd over de beschikbare ondersteuningsvoorzieningen.
Daarnaast biedt het plan inzicht in de manier waarop het samenwerkingsverband de kwaliteit van de ondersteuning bewaakt en de samenwerking tussen scholen organiseert. Hierdoor ontstaat een gezamenlijk kader voor passend onderwijs binnen de regio.
Ondersteuningsplan en schoolondersteuningsprofiel
Het ondersteuningsplan geldt voor het samenwerkingsverband als geheel. Op het niveau van de afzonderlijke school wordt vastgelegd welke ondersteuning die school zelf kan bieden. Deze twee documenten sluiten op elkaar aan: de afspraken uit het ondersteuningsplan vormen het kader waarbinnen scholen hun eigen aanbod beschrijven.
Voor ouders en leerlingen is het aanbod van de eigen school terug te vinden in de schoolgids. Daarin staat welke basisondersteuning de school biedt en op welke manier extra ondersteuning kan worden aangevraagd. Op individueel niveau worden de afspraken met een leerling vastgelegd in een ontwikkelingsperspectief, waarover de leerling het hoorrecht heeft.
Vaststelling en looptijd
Het ondersteuningsplan wordt vastgesteld door het bestuur van het samenwerkingsverband. Het plan geldt voor een periode van maximaal vier jaar. Daarna stelt het samenwerkingsverband een nieuw plan op, waarbij opnieuw wordt gekeken naar de ontwikkelingen binnen de regio en de ervaringen met het voorgaande plan.
Ook tijdens de looptijd kan een plan worden gewijzigd, bijvoorbeeld wanneer de verdeling van de middelen wordt aangepast. Voordat het samenwerkingsverband het plan vaststelt, vindt overleg plaats met de gemeenten in de regio. Dat overleg gaat onder meer over de aansluiting tussen onderwijs en jeugdhulp.
Rol van de OPR
De ondersteuningsplanraad (OPR) heeft een instemmingsrecht op het ondersteuningsplan (artikel 14a WMS). De OPR beoordeelt of het plan aansluit bij de behoeften van leerlingen en scholen en of de beschikbare middelen op een zorgvuldige en doelmatige manier worden ingezet.
De OPR vertegenwoordigt de medezeggenschap van de aangesloten scholen en kan signalen en aandachtspunten ophalen via de medezeggenschapsraden (MR’en). Op die manier kan de OPR het samenwerkingsverband voorzien van input vanuit de praktijk en bijdragen aan een goed ondersteuningsbeleid.
Gerelateerde pagina's
De VOO helpt (G)MR's verder
Met deze vormen van ondersteuning
Nieuwsbrief Medezeggenschap
Wekelijks actualiteiten en tips voor iedereen met een rol in de medezeggenschap.