Vormingsonderwijs

Laatst bijgewerkt op 21 augustus 2026

Het openbaar onderwijs heeft een actief-pluriforme opdracht. Dit betekent dat scholen aandacht besteden aan verschillende godsdienstige, levensbeschouwelijke en maatschappelijke waarden die in de Nederlandse samenleving voorkomen. Leerlingen kunnen daarnaast kiezen voor godsdienstig of humanistisch vormingsonderwijs (GVO/HVO).

In het kort

  • Ouders van leerlingen op openbare basisscholen hebben recht op godsdienstig of humanistisch vormingsonderwijs voor hun kind.
  • Bij voldoende belangstelling volgen leerlingen één uur per week gratis vormingsonderwijs, verzorgd door het Centrum voor Vormingsonderwijs.
  • De MR heeft instemmingsrecht op het schoolplan, maar geen zeggenschap over individuele aanvragen voor vormingsonderwijs.

Wat is godsdienstig en humanistisch vormingsonderwijs (GVO/HVO)?

Het openbaar onderwijs heeft als uitgangspunt dat leerlingen kennismaken met de diversiteit aan religies, levensovertuigingen en culturen in de samenleving. In tegenstelling tot het bijzonder onderwijs, waar onderwijs vaak vanuit een specifieke levensbeschouwelijke of religieuze grondslag wordt aangeboden, heeft het openbaar onderwijs een actief-pluriforme opdracht. Leerlingen leren respectvol omgaan met verschillen en ontwikkelen begrip voor verschillende perspectieven.

Daarnaast biedt de wet leerlingen in het openbaar onderwijs de mogelijkheid om onderwijs te volgen vanuit een specifieke godsdienstige of levensbeschouwelijke richting. Dit wordt godsdienstig en humanistisch vormingsonderwijs genoemd. In artikel 50 WPO is vastgelegd dat leerlingen in het openbaar onderwijs recht hebben op dit type onderwijs.

Vormingsonderwijs in de praktijk

Ouders van leerlingen op openbare basisscholen hebben al sinds 1857 het wettelijke recht om de school te verzoeken godsdienstonderwijs of humanistisch vormingsonderwijs aan te bieden. Sinds het schooljaar 2019-2020 moeten openbare scholen in hun schoolgids vermelden dat ouders deze keuze voor hun kind kunnen maken.

Bij voldoende belangstelling kunnen leerlingen één uur per week lessen volgen binnen een bepaalde godsdienstige of levensbeschouwelijke stroming. Er kan worden gekozen voor onder meer humanistisch, protestants-christelijk, katholiek, islamitisch, hindoeïstisch of boeddhistisch vormingsonderwijs. De lessen worden onder schooltijd gegeven door bevoegde vakdocenten, maar vallen niet onder de verantwoordelijkheid van de school. De uitvoering wordt verzorgd door docenten die verbonden zijn aan het Centrum voor Vormingsonderwijs en brengt geen kosten mee voor scholen of ouders.

Omgaan met GVO/HVO als openbare school

De actief-pluriforme opdracht betekent dat openbare scholen leerlingen in aanraking moeten brengen met verschillende religieuze en levensbeschouwelijke stromingen. Deze opdracht is vastgelegd in artikel 46 WPO. Het doel hiervan is dat leerlingen zich ontwikkelen tot zelfstandige personen die respect hebben voor verschillende waarden en overtuigingen.

Rol van de MR

De MR heeft een instemmingsrecht op het vaststellen of wijzigen van het schoolplan (artikel 10 sub b WMS). Wanneer godsdienstig of humanistisch vormingsonderwijs als vast onderdeel van het onderwijsprogramma wordt opgenomen in het schoolplan, heeft de MR invloed op deze keuze.

Het individuele recht van ouders om hun kind deel te laten nemen aan GVO/HVO betekent dat de MR geen zeggenschap heeft over individuele aanvragen. Wel kan de MR met het bevoegd gezag meedenken over praktische gevolgen, zoals de organisatie van de schooldag en de invulling van de tijd waarin leerlingen niet deelnemen aan de reguliere lessen.

De VOO helpt (G)MR's verder

Met deze vormen van ondersteuning

Nieuwsbrief Medezeggenschap

Wekelijks actualiteiten en tips voor iedereen met een rol in de medezeggenschap.

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Ook de nieuwsbrieven Kansengelijkheid en Openbaar onderwijs

Scroll naar boven