Laatst bijgewerkt op 12 augustus 2026
Het functiegebouw in het primair onderwijs (PO) en het functiebouwwerk in het voortgezet onderwijs (VO) geven een overzicht van de functies binnen een schoolbestuur en de bijbehorende waardering. Het document zorgt voor duidelijkheid over taken, verantwoordelijkheden en salarisschalen.
In het kort
- Het functiegebouw of functiebouwwerk geeft een overzicht van functies en salarisschalen binnen een schoolbestuur.
- Nieuwe functies worden gewaardeerd via FUWA-PO, FUWA-VO of een deskundige op functiewaardering.
- De PGMR heeft instemmingsrecht op het functiegebouw en toetst functieomschrijvingen en waardering.
Waarom een functiegebouw?
Het functiegebouw helpt een schoolbestuur om bewust na te denken over welke functies binnen de organisatie nodig zijn, welke taken en verantwoordelijkheden bij deze functies horen en welke salarisschaal daarbij past. Hierdoor wordt bevorderd dat medewerkers die vergelijkbaar werk doen binnen dezelfde organisatie op een vergelijkbare manier worden beloond.
Voor medewerkers biedt het functiegebouw inzicht in de eigen functie, de bijbehorende taken en de bijbehorende beloning. Hierdoor kunnen medewerkers nagaan of de werkzaamheden die zij in de praktijk uitvoeren aansluiten bij de officiële functieomschrijving.
Wat is de inhoud van het functiegebouw?
In het functiegebouw worden alle functies opgenomen die binnen het schoolbestuur voorkomen. Wanneer een school een nieuwe functie wil creëren, moet deze functie eerst worden opgenomen in het functiegebouw. Bij iedere functie hoort een duidelijke beschrijving waarin staat welke werkzaamheden, verantwoordelijkheden en taken bij de functie horen.
Daarnaast wordt bepaald hoe de functie wordt gewaardeerd en welke salarisschaal daarbij hoort. Voor functies waarvoor al een voorbeeldfunctie beschikbaar is, kan deze als uitgangspunt worden gebruikt. Voor nieuwe functies zonder voorbeeldfunctie kan het nodig zijn om advies te vragen aan een deskundige op het gebied van functiewaardering.
Hoe komt het functiegebouw tot stand?
Voor het opstellen van een functiegebouw kunnen schoolbesturen gebruikmaken van landelijke voorbeeldfuncties. In het primair onderwijs wordt hiervoor gebruikgemaakt van FUWA-PO en in het voortgezet onderwijs van FUWA-VO. Schoolbesturen kunnen deze voorbeeldfuncties aanpassen wanneer dit beter aansluit bij de eigen organisatie.
Wanneer een schoolbestuur een functie wil toevoegen waarvoor geen passende voorbeeldfunctie beschikbaar is, moet deze functie worden gewaardeerd. Hiervoor kan het bestuur een deskundige op het gebied van functiewaardering inschakelen.
Welke functies zijn er en hoe worden ze ingeschaald?
De inschaling van functies vindt plaats volgens het systeem van functiewaardering (FUWA). Voor leraren bestaan verschillende functieschalen, namelijk LB, LC, LD en LE. Daarnaast zijn er functies voor onderwijsondersteunend personeel, met salarisschalen van 1 tot en met 17. Hierbij kan het bijvoorbeeld gaan om onderwijsassistenten, lerarenondersteuners en beleidsmedewerkers.
Ook schoolleiders hebben een eigen indeling. In het primair onderwijs vallen directeuren binnen de schalen D12 tot en met D15 en adjunct-directeuren binnen de schalen A11 tot en met A13. In het voortgezet onderwijs vallen functies zoals rectoren en conrectoren binnen de salarisschalen 1 tot en met 17.
Rol van de MR
De personeelsgeleding van de GMR (PGMR) heeft een instemmingsrecht op het functiegebouw. De PGMR kan beoordelen of alle functies binnen de organisatie correct zijn opgenomen, of de waardering van functies aansluit bij de praktijk en of de functieomschrijvingen overeenkomen met de werkzaamheden die medewerkers uitvoeren.
Daarnaast kan de PGMR controleren of het functiegebouw op een transparante en zorgvuldige manier tot stand is gekomen. Hiermee kan de PGMR bijdragen aan een eerlijke en duidelijke inrichting van functies en beloningen binnen de organisatie.
Gerelateerde pagina's
De VOO helpt (G)MR's verder
Met deze vormen van ondersteuning
Nieuwsbrief Medezeggenschap
Wekelijks actualiteiten en tips voor iedereen met een rol in de medezeggenschap.